Lente

Hallo meneertje van ’t weer

Wat wilt U mij gaan vertellen

Hoeven m’n winter-kleren niet meer

wat gaat U ons dan voorspellen?

 

De weersverwachting tot middernacht

zon, zonder wolkenvelden

de temperatuur is lekker zacht

is, wat ze me vertelden.

 

Bedankt hoor weer-meneertje

Als ik U even vragen mag

kunt u niet ieder keertje
zorgen voor zo’n lente dag?

______

 

 

Ik pak m’n gietertje

pak m’n schep

pak m’n emmertje

en m’n step

 

Het zand-bakken-zand is nog wel wat nat

Maar wat hindert dat , wat hindert dat?

 

Ik bak lente-gebakjes

en lente-fondantjes

aarbeien-taarten

en zachte croissantjes.

 

Het zand-bakken-zand is nog wel wat nat
maar wat hindert dat , veel beter bakt dat!

______

 

 

 

 

Een lenteliedje

een lente melodietje

 

een lente dansje

een madelieven kransje

 

een lente kleurtje

een lente geurtje

 

een lente bloem

lente gezoem

 

Een lente zonnestraaltje

en een lief lente verhaaltje

______

 

 

Mijn mama heeft de kolder

ze schuifelt over de zolder

de kasten heeft ze al geleegd

de planken heel goed schoongeveegd

de kleren was ze aan het pakken

die zitten nu in vuilniszakken

en gingen holder-de-bolder

voor volgend jaar naar zolder.

 

Mijn mama heeft het heen en weer

ze sopt en stoft maar keer op keer

Je zult het niet geloven

’t huis moet schoon en de troep moet naar boven

wij lopen allemaal in de weg

wat heeft ze zeg, wat heeft ze zeg?

mijn papa haalt z’n schouders op

mam heeft de lente in haar kop.
______

 

 

21 Maart

de winter is voorbij

de lente die verjaart

 

De vogels tjilpen in de lucht

Welkom, welkom, lente

we komen weer in vogelvlucht.

 

Het zonnetje schijnt nog niet fel

maar fluistert achter wolken

“hallo, hallo ik ben er wel”

 

En iedereen die glimlacht want

de lente is weer in ’t land.
_______

Hele kleine knopjes

zie ik aan de bomen

dat betekent

moet je weten

dat er blaadjes aan gaan komen.

 

Hele kleine steeltjes

komen uit de grond

dat betekent

moet je weten

dat er een lentebloempje komt.
_______

De laatste sneeuw was opgedooid

toen heb ik mijn das in een hoek gegooid

en ook m’n wanten en winterjas

omdat het nu eindelijk lente was

 

Ik pak m’n knikkers uit de kast

en pak m’n rolschaatsen maar vast

Gooi de zandbak maar weer open

want ik ga zandtaartjes verkopen.

 

Bij de vogeltjes in de bomen

probeer ik met mijn schommel te komen

Dag kerstboom en dag Sinterklaas

nog eventjes en dan komt de paashaas.

 

Lente, lente kom maar gauw

want ik heb gewacht op jou.

 

Nat, nat, alles is nat

maar niet van de regen

zeg eens, hoe kan dat?

 

Het spinnenweb

dat de spin laatst spon

glinstert vol druppels in de lente zon.

 

Het grasveld glimt

en de bessenstruik glanst

omdat er op ieder blaadje

een piepklein druppeltje danst.

 

Hoe kan dat nou, hoe kan dat nou

het antwoord is heel simpel

dat is de lentedauw.
______

 

 

 

 

Hé jij, hé jij

wat tjilp je blij

heb jij een ei

in je nestje voor mij?

 

Tjiep, tjiep, tjiep, tjiep,

hoor ik daar een piep

ik dacht toch echt, dat jij mij riep

toen ik onder jouw nestje liep.

 

Wat fijn dat je bent gekomen

en kom je nu bij ons wonen

in de beukenbomen

 

Dan voel ik nooit meer alleen

met al die vogeltjes om me heen!

______

 

 

Eerst was alles wit

Maar nu is alles groen

weet jij hoe dat zit?

of hoe ze dat nou doen

 

Eerst was alles stil

maar nu veel geluid

Koud was ‘t, dat ik ril

nu kan m’n jas weer uit.

 

De lucht was eerst nog grijs

Maar nu is hij blauw

Het water was eerst ijs

Hoe kan dat eig’lijk nou?

______

 

 

Hé, wat is dat daar in het gras?

Ik dacht dat dat een krokusje was

Heel parmantig, paars en geel

nog piepklein op groene steel.

 

Hé, wat is dat daar in ’t gras?

Ik dacht dat dat een tulpje was

Heel statig staat hij in ’t rood

maar ook die is nog niet groot.

 

Hé, wat is dat daar in ’t gras?

Ik dacht dat dat een narcis was

Hij trompettert in ’t rond

De lente komt, de lente komt.
______

 

 

Een zonnenstraaltje op m’n snoet

ik krijg m’n eerste lente-sproet

 

Een zonnenstraaltje geeft me kleur

en brengt me in een goed humeur

 

Een zonnenstraaltje iedere dag

brengt om mijn mond een lente lach

______

 

 

 

Een touwtje, een draadje

een stokje, een blaadje

een takje, een pluisje

hij vliegt door ’t gaatje

van zijn nieuwe huisje

 

Hij is een nestje aan ’t bouwen

Hij gaat een vogelmeisje trouwen

zoekt af en aan in onze heg

hoort hij de kat miauwen

dan vliegt hij ppppppprrrrrt snel weg.
______

Alles wordt weer anders buiten

vogeltjes die tjilpend fluiten

bloemetjes groeien blauw, geel, rood

visjes zwemmen in de sloot

 

Ik weet niet waar ik moet beginnen

Ik wil naar buiten, blijf niet binnen

Ik wil met alles kennismaken

kijken, horen aan gaan raken.

 

Hallo bloem en hallo beest

Kom ook op ‘t lente feest

Even nog een laatste gaap

Uit is ’t met de winterslaap.
______

 

 

Lente of voorjaar

hoe moet ik je noemen

 

Hallo lieve lente bloemen

En vliegen die een deuntje zoemen

 

Hallo geitje in je weitje

Hallo bezig lentebijtje

 

Hallo krokus nu zie ik je pas

steek jij je kopje boven het gras

 

Hallo zonnige zonnenstraal

Hallo lieve lente allemaal

______

 

Lente bijtje

lente zoem

 

Lentekleurtje

lente bloem

 

Lente piepje

lente mus

 

lente griepje

lente kus
______

 

Je hebt ze groen en geel en rood

Je hebt ze bont gespikkeld

of in papier gewikkeld

je hebt ze klein en groot.

 

De hele tuin is bont versierd

maar je moet wel goed turen

en overal achter gluren

hoi, Pasen wordt gevierd!

 

Heb je niet één vergeten

kijk heel goed om je heen

ik zie er daar nog één

en nu maar lekker eten.
______

’t Is lente, ’t is lente

van alles komt erbij

 

kikkervisjes spartelen

lammetjes die dartelen

 

’t is lente, ’t is lente

van alles komt erbij

 

kuikentjes die duikelen

kalfjes die struikelen

 

’t is lente, ’t is lente

van alles komt erbij

 

kom maar mee naar buiten

en speel met mij.

 

De lente duurt drie maanden

maart, april en mei

en dan een heel klein stukje

van juni er nog bij.

 

In maart kan het nog sneeuwen

april doet soms wat raar

in mei gaat ’t zonnetje schijnen

in juni is alles klaar.

 

Drie heerlijke lente maanden

waar je veel in kunt doen

twaalf lente weken

dat noemt men een seizoen
______

Ik lig in ’t gras

en kijk keer op keer

ze zijn er net pas

ik zie ze alweer

 

Ze kwamen uit hun holletjes

of uit hun larve ei

die egeltjes en molletjes

‘t kevertje en de bij.

 

Hun winterslaap is afgelopen

ze gaan de wereld in

op kriebelpootjes rondgeslopen

de tor en de worm en de spin.

______

 

Gedichtjes voor de kleintjes

                    door

   Wampie le Comte

 

 

 

Geef een reactie